Hoe kijken werkenden tegen de invulling van hun werktijd aan? (mei 2026)

De Nederlandsche Bank (DNB) heeft onderzocht hoe werkenden in Nederland hun werktijd indelen en ervaren. Dit onderzoek is belangrijk, omdat het aantal mensen dat kan werken de komende jaren minder hard groeit. Daarom wordt het steeds belangrijker om het werk slimmer en efficiënter te organiseren.

In het onderzoek is gekeken welke taken veel tijd kosten, hoe werkenden dit ervaren en waar het werk beter kan worden ingericht. De gegevens zijn verzameld in het LISS panel. Deze vragenlijsten zijn ingevuld in augustus 2025.

Kerntaken en niet-kerntaken

In dit onderzoek wordt onderscheid gemaakt tussen kerntaken en niet-kerntaken. Kerntaken zijn de belangrijkste taken binnen een functie. Dit zijn werkzaamheden die direct bijdragen aan het doel van het werk. Denk aan lesgeven door docenten of het verzorgen van patiënten door zorgverleners.

Daarnaast voeren medewerkers ook taken uit die niet bij hun belangrijkste werk horen. Dit zijn niet-kerntaken. Denk bijvoorbeeld aan administratie, rapportages, overleg en andere organisatorische taken. Deze taken zijn vaak nodig om een organisatie goed te laten werken. Ze kosten ook tijd, waardoor er minder tijd overblijft voor de kerntaken.

Uit het onderzoek blijkt:

  • Werkenden besteden ongeveer 20 procent van hun werktijd aan niet-kerntaken. Bij een fulltimebaan komt dat neer op 7 tot 8 uur per week. Dat is ongeveer één werkdag.
  • De verschillen zijn groot. Een kwart van de werkenden besteedt minder dan 10 procent van de werktijd aan niet-kerntaken. Een ander kwart besteedt hier meer dan 36 procent van de werktijd aan.

Niet-kerntaken in verschillende sectoren

De tijd die werkenden besteden aan niet-kerntaken verschilt per baan en sector. Voltijdwerkers besteden hier gemiddeld meer tijd aan dan deeltijdwerkers. Ook zijn er verschillen tussen contractvormen. Zelfstandige ondernemers besteden gemiddeld minder tijd aan niet-kerntaken. Werknemers met een vast of flexibel contract besteden hier meer tijd aan.

Ook tussen sectoren zijn er duidelijke verschillen:

  • De tijd die wordt besteed aan niet-kerntaken is relatief hoger in het onderwijs en bij de overheid.
  • In sectoren zoals handel, vervoer en horeca is het aandeel niet-kerntaken lager.
  • Leidinggevenden besteden gemiddeld het grootste aandeel van hun werktijd aan niet-kerntaken.

Het gaat niet alleen om hoeveel tijd deze taken kosten, maar ook om hoe werkenden deze taken ervaren. Bijna de helft van de werkenden ervaart de hoeveelheid niet-kerntaken als (te) hoog. Dit speelt vooral in het onderwijs, bij de overheid en in de zorg. Werkenden in de zorg ervaren deze taken vaak als zwaar, ook al besteden zij er relatief minder tijd aan dan werkenden in sommige andere sectoren.

Welke taken kosten veel tijd?

Werkenden noemen vooral vergaderingen, administratie en e-mail als tijdrovende taken. Volgens hen kosten deze activiteiten vaak meer tijd dan nodig is om het werk goed uit te voeren. Andere taken, zoals procedures of HR-werkzaamheden, worden minder vaak genoemd.

Volgens werkenden ontstaan niet-kerntaken vaak binnen de eigen organisatie. Bijvoorbeeld door interne afspraken en werkwijzen. Een kleiner deel van de werkenden wijst naar externe oorzaken, zoals wet- en regelgeving.

Oplossingen voor minder niet-kerntaken

Werkenden zien verschillende manieren om meer tijd vrij te maken voor kerntaken. Minder en korter vergaderen wordt het vaakst genoemd. Daarna volgen betere afstemming, meer vertrouwen en slimmer gebruik van technologie en software.

Ongeveer 30 procent van de werkenden geeft aan dat hun organisatie actief werkt aan het verminderen of beperken van niet-kerntaken. In deze organisaties ervaren medewerkers een minder hoge werklast dan in organisaties zonder actief beleid. Veel werkenden verwachten dat minder niet-kerntaken zorgen voor hogere productiviteit, betere kwaliteit van het werk en meer werkplezier.