Levensverwachting en de gevolgen voor financiële keuzes (januari 2026)

Om te weten te komen hoe oud mensen zelf denken te worden is er in juni 2024 aan 2.377 LISS gevraagd: “Hoe groot acht u de kans dat u 90 jaar of ouder wordt?”   Die vraag is belangrijk, want hoe oud je zelf denkt te worden is van invloed op allerlei financiële keuzes.  Bijvoorbeeld als het gaat om pensioen. Van de opbouw van pensioenvermogen, het moment waarop je met pensioen gaat, tot de inrichting van de pensioenperiode waarin je rekening moet houden met kosten voor zorg en wonen. Maar schatten mensen wel goed in hoe oud ze worden? En welke gevolgen heeft een verkeerde inschatting?

Zelf meer keuzes maken over het pensioen

In het nieuwe pensioenstelsel worden meer risico’s over de totale opbouw verschoven naar individuele deelnemers. Ook bieden pensioenuitvoerders nu meer keuzevrijheid dan vroeger: men kan het moment waarop het pensioen ingaat variëren, nadenken om een bedrag ineens op te nemen, of kiezen voor een hoog-laag-constructie (dan krijg je eerst meer pensioen uitgekeerd en naarmate je ouder wordt minder). Bij al dit soort keuzes liggen gevaren op de loer en is kennis van pensioen relevant.  Maar financiële kennis en vaardigheden hebben en die toepassen heeft niet iedereen, vooral onder vrouwen is dat minder en wordt pensioeninformatie zelfs ontweken.

Leeftijdsverwachting verkeerd inschatten kan grote gevolgen hebben

Iemand die verwacht niet lang van het pensioen te kunnen genieten, zal eerder geneigd zijn het pensioen eerder of ruimer te besteden. De gevolgen van het verkeerd inschatten van de eigen levensverwachting kunnen groot zijn en kan leiden tot een lagere welvaart.

Het is daarom belangrijk om te weten hoe goed mensen hun levensverwachting inschatten en is dit vergeleken met de leeftijd- en opleiding-specifieke prognoses van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) die op dat moment golden.

Kans om 90 jaar te worden

Gebaseerd op de sterfte die nu wordt waargenomen en de veronderstelling dat de sterftekansen in de toekomst gelijk blijven, wordt ongeveer één op de drie vrouwen en één op de vier mannen die nu jonger zijn dan 60 jaar straks 90 jaar of ouder, is de prognose. Maar verwacht wordt dat de sterftecijfers verder zullen dalen, door bijvoorbeeld medische vooruitgang en de verbetering van leef- en werkomstandigheden. Zo heeft een vrouw die in 2025 18 jaar is een veel grotere kans (73%) om 90 jaar te worden dan een vrouw die nu 60 is (51%). 

De prognose van de kans om 90 jaar oud te worden verschilt als wordt gekeken naar opleidingsklassen en naar leeftijdsgroepen: jongeren en hogeropgeleiden hebben een veel hogere kans om 90 jaar of ouder te worden.

Onderschatten hoe oud men wordt

Over het algemeen onderschatten mensen hun kans om 90 jaar of ouder te worden. Vooral hogeropgeleiden onderschatten hun levensverwachting, en dat is het sterkst bij hogeropgeleide vrouwen tot 60 jaar. Omdat over veel pensioenbeslissingen pas wordt nagedacht in de aanloop naar de pensioendatum, is de middelste leeftijdsgroep (45–66 jaar) een belangrijke groep. Ook in deze leeftijdsgroep valt op dat vooral hoog­opgeleiden minder accurate verwachtingen om 90 jaar of ouder te worden hebben dan middelbaaropgeleiden.

Conclusies

Hoe oud je denkt te worden is belangrijk bij het nemen van pensioenbeslissingen, maar ook bij het nadenken over zaken als de kosten voor zorg en wonen. Maar grote delen van de bevolking zijn zich niet erg ervan bewust dat de levensverwachting stijgt, onder andere door (medische) vooruitgang. In 2024 was de gemiddelde levensverwachting 82 jaar. Veel mensen denken daardoor dat hun eigen levensverwachting op een vergelijkbare leeftijd ligt.

Binnen het huidige Nederlandse pensioenstelsel zijn veel mensen gelukkig automatisch beschermd tegen het langlevenrisico, maar dat geldt bijvoorbeeld niet voor zzp’ers die zelf voor hun pensioen moeten zorgen en die mogelijk onvoldoende pensioen opbouwen, of voor mensen met een pensioengat.

Jongvolwassenen gaan de invloed van het nieuwe pensioenstelsel merken omdat meer verantwoordelijkheid bij het individu komt te liggen. Kennis over pensioen, en dus ook over de eigen levensverwachting, wordt voor hen steeds belangrijker. Want als je weet dat je ouder wordt, ben je je ook ervan bewust dat je meer geld nodig hebt voor de periode dat je niet meer werkt. Maar dat jongeren geen goed beeld hebben van hoe oud ze zullen worden, is niet zo gek: pensioen heeft voor deze leeftijdsgroep geen hoge prioriteit.
Ook vormen vrouwen die hun levensverwachting sterk onderschatten een risicogroep. De beperkte betrokkenheid bij het pensioen en het vaker overlaten van financiële beslissingen aan de partner vergroten dit risico. Dit is met name zorgwekkend omdat vrouwen vaker langer leven dan mannen, en in relaties vaak het langst overblijven.

Meer lezen?

Zie bron van dit artikel: “Nederlanders onderschatten hun levensverwachting” door H. van Dalen en K. Henkens, Economisch Statistische Berichten (ESB), 5 januari 2026.

In januari 2019 verscheen ook een nieuwsbericht over waarom de vraag wordt gesteld hoe oud iemand denkt te worden. Zie: “Hoe groot is volgens u de kans dat u 65 jaar of ouder wordt (of 70, 75, 80, 85, 90 …)“.